Nieuws

Hebt u in 2023 bedragen aan iemand betaald die niet bij u in (fictieve) dienstbetrekking is? Of aan iemand die ondernemer of ZZP-er is en die een factuur zonder BTW heeft uitgereikt? Dan moet u deze uitbetaalde bedragen aan derden (UBD) vóór 1 februari 2024 aanleveren aan de Belastingdienst. De Belastingdienst maakt onderscheid tussen 2 verschillende soorten uitbetalers: inhoudingsplichtige en niet-inhoudingsplichtige uitbetalers.

Man en vrouw laten een huis bouwen. Het is de bedoeling dat een aangebouwde zelfstandige kantoorruimte en de zolderverdieping van het huis (met BTW belast) verhuurd zullen worden aan de BV van de man. Voor deze verhuur gaan man en vrouw een maatschap aan. De vraag is of de verhuur van de zolderverdieping een economische activiteit is waarvoor de maatschap BTW-ondernemer is en waarvoor recht op aftrek bestaat van BTW op de bouwkosten.

De overheid ondersteunt energiezuinige en milieu-investeringen van bedrijven financieel met belastingvoordeel uit de regelingen EIA, MIA en Vamil. Bedrijven die investeren in een bedrijfsmiddel op de Energielijst, kunnen via de regeling 40% van de investeringskosten aftrekken van hun winst. Met de MIA profiteert u van een investeringsaftrek die kan oplopen tot 45% van uw investeringsbedrag. Deze aftrek komt bovenop de gebruikelijke investeringsaftrek. Met de Vamil kunt u 75% van de investeringskosten willekeurig afschrijven.

Een jongedame gaat aan de slag bij een werkgever op basis van een tijdelijk contract voor zeven maanden. Na ruim vijf maanden krijgt ze bericht dat het contract zeven maanden wordt verlengd met uitzicht op een langdurig dienstverband. Een maand na dit bericht wordt ze zwanger, met helaas chronische complicaties. Ruim een maand voor einde van het tweede contract krijgt ze bericht dat het niet wordt verlengd. Is hier sprake van verboden onderscheid?  

We geven een overzicht van de belangrijkste belastingwijzigingen. Denk bijvoorbeeld aan de onbelaste kilometervergoeding, de invoering van twee tarieven in box 2, de verlaging van de maximale lening van de DGA bij de eigen BV, de verlaging van de zelfstandigenaftrek en mkb-winstvrijstelling,  en de verhoging van het tarief in box 3.